Citaat | Hoge Raad 13 februari 2015

Onder 3.6 Hoge Raad 13 februari 2015

Een alinea uit Hoge Raad 13 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:311.

Voor zover de onderdelen mede ertoe strekken dat het hof ten onrechte of onvoldoende gemotiveerd het aanbod heeft gepasseerd om de deskundigen [betrokkene 9] (met betrekking tot het handelen van de notaris) en [betrokkene 8] (met betrekking tot het ontwikkelingsniveau van erflater) als getuigen ("getuigen-deskundigen") te doen horen, falen zij echter. Uit de motivering van het aanbod blijkt immers dat deze deskundigen niet kunnen verklaren over hun uit eigen waarneming bekende feiten (art. 163 Rv). Het is daarom overgelaten aan het beleid van de rechter die over de feiten oordeelt (de verwijzingsrechter daaronder begrepen) of hij in zoverre behoefte heeft aan deskundige voorlichting. Dit neemt niet weg dat de rechter de door deze deskundigen opgestelde schriftelijke verklaringen, die zich onder de processtukken bevinden, zal moeten betrekken in zijn beoordeling van het geschil van partijen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1047942135d1bfe024b382d3727b51be75a4c77ac8af84bc1c4b93147fe6fe11. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1047942135d1bfe024b382d3727b51be75a4c77ac8af84bc1c4b93147fe6fe11, en de alinea staat in dat document op bytes 22038 tot 22954.