Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2015
Onder 2.2.1. Hoge Raad 30 oktober 2015
Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3174.
Het Hof heeft geoordeeld dat de rechten van verdediging van belanghebbende niet zijn geschonden in de fase voorafgaand aan de vaststelling en de uitreiking van de onderhavige uitnodigingen tot betaling. Het Hof heeft daartoe geoordeeld dat wanneer een controleprocedure met betrekking tot een invoeraangifte verschillende maanden in beslag neemt, ter plaatse verificaties worden verricht, de betrokken onderneming wordt gehoord en in het dossier wordt gerefereerd aan een gesprek tussen controleur en gecontroleerde, het vermoeden is gewettigd dat deze onderneming de redenen kende waarom de controle was ingesteld, alsook de aard van de feiten die aanleiding zouden kunnen geven tot navordering. In dit verband heeft het Hof van belang geacht dat belanghebbende het definitieve controlerapport in de loop van februari 2007 heeft ontvangen en dat aannemelijk is dat tussen de ontvangst van het definitieve controlerapport en de ontvangst van de uitnodigingen tot betaling ten minste een week is verstreken. Het Hof heeft geoordeeld dat hoewel deze termijn op zichzelf kort is om adequaat te kunnen reageren, deze termijn, gelet op het feit dat belanghebbende de redenen kende waarom de controle was ingesteld, niet zodanig kort is dat sprake is van een schending van de rechten van de verdediging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132, en de alinea staat in dat document op bytes 11515 tot 12828.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132 | shasum -a 256