Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2015
Onder 2.4.3. Hoge Raad 30 oktober 2015
Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3174.
In het onderhavige geval heeft het Hof – in cassatie niet bestreden - geoordeeld dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat de door belanghebbende in de desbetreffende aangiften vermelde goederenomschrijving alsmede de aangegeven tariefpost onjuist zijn, aangezien het ging om de invoer van tarwe die was versnipperd en vanwege deze bewerking niet kan worden ingedeeld onder post 1001 van de GN. Voorts heeft het Hof geoordeeld dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat de betrokken goederen uit bulgurtarwe bestonden en dat hetgeen belanghebbende ter weerlegging daarvan naar voren heeft gebracht onvoldoende was. Deze oordelen van het Hof geven, gelet op de hiervoor vermelde arresten van het Hof van Justitie, geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en kunnen, als verweven met waarderingen van feitelijke aard, voor het overige in cassatie niet op juistheid worden getoetst. Zij zijn ook niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. Mitsdien faalt middel VI in zoverre.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132, en de alinea staat in dat document op bytes 22393 tot 23399.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a5d4ffacc65c2dcc6b82062e63f2f0c816b1d787e1abe5116bf16977473a0132 | shasum -a 256