Citaat | Hoge Raad 17 november 2015
Onder 2.4. Hoge Raad 17 november 2015
Een alinea uit Hoge Raad 17 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3322.
Ingevolge de art. 348 en 350 Sv, die krachtens art. 415 Sv ook in hoger beroep van toepassing zijn, dient de rechter te beraadslagen op de grondslag van de tenlastelegging. De tenlastelegging strekt er daarbij toe voor de procesdeelnemers - zowel voor het openbaar ministerie en de rechter als voor de verdachte en eventueel de benadeelde partij - de inzet van het geding en de te volgen beslissingsstructuur met de vereiste duidelijkheid vast te leggen (vgl. HR 27 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZD0095, NJ 1996/126 en ECLI:NL:HR:1995:ZD0096, NJ 1996/127). Met het oog daarop dient ingevolge art. 261 Sv de dagvaarding een opgave te behelzen van het feit dat ten laste wordt gelegd, met vermelding omstreeks welke tijd en waar ter plaatse alsmede de omstandigheden waaronder het zou zijn begaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db35e93ececb51c6f70640f44d6fb2ba998b17a6ea429fd1970a792b971d3032. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db35e93ececb51c6f70640f44d6fb2ba998b17a6ea429fd1970a792b971d3032, en de alinea staat in dat document op bytes 18244 tot 19049.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/db35e93ececb51c6f70640f44d6fb2ba998b17a6ea429fd1970a792b971d3032 | shasum -a 256