Citaat | Hoge Raad 24 november 2015

Onder 2.2.2. Hoge Raad 24 november 2015

Een alinea uit Hoge Raad 24 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3356.

Ik, verbalisant 2, liep vervolgens met de beveiliger [betrokkene 3] mee naar het meisje dat geslagen zou zijn. Ik zag het meisje binnen op een stoel zitten. Ik zag dat haar onderlip bloedde. Het meisje bleek te zijn genaamd: [betrokkene 1]. Zij verklaarde het volgende: 'Ik was met een groep vrienden in de Hollywood. Ik ben zomaar geslagen door een jongen met een rood t-shirt. Hij heeft mij geslagen met zijn vuist. Hij heeft mij geslagen op mijn lip.'

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/14c7b9fa3aed1d33b5438f40fa833b0da48b7152588031fe1bae0cbe474a2616. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 14c7b9fa3aed1d33b5438f40fa833b0da48b7152588031fe1bae0cbe474a2616, en de alinea staat in dat document op bytes 12693 tot 13160.