Citaat | Hoge Raad 1 december 2015

Onder 2.3.2. Hoge Raad 1 december 2015

Een alinea uit Hoge Raad 1 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3432.

Het Hof heeft dat miskend. Het Hof had, in aanmerking genomen het in hoger beroep gevoerde verweer dat blijkens de uitspraak van 2 juli 2010 van de belastingkamer van het Hof de aan de verdachte in rekening gebrachte omzetbelasting in de aangiften terecht in vooraftrek is gebracht, niet in het midden mogen laten hoe die uitspraak zich verhoudt tot de vraag of het werkelijk in aanmerking te nemen belastbare bedrag hoger is dan het door de verdachte opgegeven belastbare bedrag. Daarom is de bewezenverklaring, voor zover inhoudende dat "zij [immers] telkens opzettelijk op de bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst te Breda ingeleverde aangiftebiljetten omzetbelasting over genoemde maanden juli 2003 tot en met april 2004 telkens een te laag belastbaar bedrag aan belasting [heeft] opgegeven", ontoereikend gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f10bec77bc2a0a54393b77f5685c4435b416990a99f690053c869e20640d79dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f10bec77bc2a0a54393b77f5685c4435b416990a99f690053c869e20640d79dd, en de alinea staat in dat document op bytes 31654 tot 32507.