Citaat | Hoge Raad 4 december 2015
Onder 4.1.1 Hoge Raad 4 december 2015
Een alinea uit Hoge Raad 4 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3477.
De onderdelen 2.2.1-2.2.5 en 2.2.10 bevatten klachten die erop neerkomen dat het hof bij de beoordeling of sprake is van verwarringsgevaar bij het gebruik van de in geschil zijnde handelsnamen een rechtens onjuiste maatstaf heeft gehanteerd, door daarbij mede de vormgeving van de handelsnamen (de logo’s) in aanmerking te nemen. De vergelijking had dienen plaats te vinden op basis van de handelsnamen als zodanig, met inachtneming van de kenmerkende bestanddelen daarvan ( [initialen verzoekster] en [initialen verweerster] ). Althans heeft het hof miskend dat vergelijking van de logo’s pas aan de orde kan komen na een voorafgaande vergelijking van de handelsnamen los van de vormgeving en bovendien slechts indien en voor zover het gebruik van de logo’s dermate uitzonderlijk en overheersend is dat een eventueel aannemelijk verwarringgevaar vanwege het gebruik van de handelsnamen daardoor volledig zou worden opgeheven, aldus de onderdelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ffdab624ec107091419c81ba6fc664e4532852b97b0fb37b9dfb4363a4524be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ffdab624ec107091419c81ba6fc664e4532852b97b0fb37b9dfb4363a4524be, en de alinea staat in dat document op bytes 13249 tot 14218.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6ffdab624ec107091419c81ba6fc664e4532852b97b0fb37b9dfb4363a4524be | shasum -a 256