Citaat | Hoge Raad 20 februari 2015
Onder 3.3.3 Hoge Raad 20 februari 2015
Een alinea uit Hoge Raad 20 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:397.
39. Wat in de tweede plaats de beoordeling van het uit het onderscheidend vermogen of de reputatie van het merk getrokken ongerechtvaardigd voordeel in de zin van artikel 9, lid 1, sub c, van Verordening nr. 2007/2009 betreft, moet eveneens een globale beoordeling worden verricht waarbij rekening wordt gehouden met alle relevante omstandigheden van het concrete geval waaronder met name de mate van bekendheid en onderscheidend vermogen van het merk, de mate van overeenstemming tussen de conflicterende merken alsmede de aard van en de mate waarin de betrokken waren of diensten zijn gerelateerd. Wat de mate van bekendheid en onderscheidend vermogen van het merk betreft, heeft het Hof ook geoordeeld dat een inbreuk gemakkelijker zal worden vastgesteld naarmate het onderscheidend vermogen en de reputatie van dat merk groter zijn (zie arrest van 18 juni 2009, L’Oréal e.a., C-487/07, Jurispr. p. I-5185, punt 44)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/19aa172ed507165f61dfd2489962907d4f098b5f3fa7f86d99336543a7757ace. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 19aa172ed507165f61dfd2489962907d4f098b5f3fa7f86d99336543a7757ace, en de alinea staat in dat document op bytes 22370 tot 23307.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/19aa172ed507165f61dfd2489962907d4f098b5f3fa7f86d99336543a7757ace | shasum -a 256