Citaat | Hoge Raad 13 januari 2015
Onder 5.3. Hoge Raad 13 januari 2015
Een alinea uit Hoge Raad 13 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:46.
In de tweede plaats berust de aanvrage - kennelijk al dan niet in samenhang met de eerste grond - op een op 2 mei 2005 ten overstaan van mr. Weski afgelegde verklaring van [betrokkene 5], eigenaar van het schip waarmee het Stellendamtransport heeft plaatsgevonden. In die verklaring gewaagt [betrokkene 5] van een gesprek met [betrokkene 1], dat in 1998 in een parketbusje zou hebben plaatsgevonden en waarin [betrokkene 1] tegen [betrokkene 5] over het Stellendam-transport zou hebben gezegd "dat hij zou gaan verklaren, dat die drugs van [aanvrager] waren en dat hij daar Justitie een groot plezier mee zou doen en dat hij dan strafvermindering zou krijgen", terwijl de aanvrager volgens [betrokkene 5] niets met die zaak te maken had en [betrokkene 1] dat ook zou hebben toegegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5311ec2cf3f222d2013d7178d3de39d7c61f90c5ea7f25d490aafdbc16ef8a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5311ec2cf3f222d2013d7178d3de39d7c61f90c5ea7f25d490aafdbc16ef8a9, en de alinea staat in dat document op bytes 20057 tot 20855.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e5311ec2cf3f222d2013d7178d3de39d7c61f90c5ea7f25d490aafdbc16ef8a9 | shasum -a 256