Citaat | Hoge Raad 13 maart 2015

Onder 2.2.3. Hoge Raad 13 maart 2015

Een alinea uit Hoge Raad 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:550.

Met betrekking tot de beschikking heeft het Hof vooropgesteld dat in artikel 5, lid 4, tweede alinea, van het CDW is bepaald dat de persoon die niet verklaart in naam of voor rekening van een andere persoon te handelen, geacht wordt in eigen naam en voor eigen rekening te handelen. Naar het oordeel van het Hof is het recht om zich bij de douaneautoriteiten te doen vertegenwoordigen in artikel 5 van het CDW uitputtend geregeld, waarbij het Hof heeft verwezen naar hetgeen in punt 30 van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 april 2011, Sony Supply Chain Solutions (Europe) B.V., C-153/10, ECLI:EU:C:2011:224, is overwogen. Het Hof heeft geoordeeld dat het daarom niet mogelijk is dat door middel van een verzoek tot herziening van de aangifte op de voet van artikel 78 van het CDW wordt afgedaan aan hetgeen is bepaald in artikel 5, lid 4, van het CDW. Hierbij heeft het Hof mede van belang geacht dat aan de persoon van de aangever tal van rechten en plichten zijn toebedeeld, zoals de verplichting om in te staan voor de juistheid van de in aangifte voorkomende gegevens, de echtheid van ingediende documenten alsmede de verplichting tot betaling van de douaneschuld die kan voortvloeien uit de aangifte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d08bfc0dcb9126a9ee438f1d40c53d1cb13cda863e7b59af5c7aa7dd0d43383. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d08bfc0dcb9126a9ee438f1d40c53d1cb13cda863e7b59af5c7aa7dd0d43383, en de alinea staat in dat document op bytes 11718 tot 12966.