Citaat | Hoge Raad 20 maart 2015
Onder 3.3.1 Hoge Raad 20 maart 2015
Een alinea uit Hoge Raad 20 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:688.
(iv) Indien in vorige instantie een gemotiveerde beslissing is gegeven over de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, zal de incidenteel eiser of verzoeker die wijziging van deze beslissing wenst, aan zijn vordering of verzoek feiten en omstandigheden ten grondslag moeten leggen die bij de door de vorige rechter gegeven beslissing niet in aanmerking konden worden genomen doordat zij zich eerst na de uitspraak van de vorige rechter hebben voorgedaan, en die kunnen rechtvaardigen dat van die eerdere beslissing wordt afgeweken (HR 30 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC5012, NJ 2008/311, rov. 3.2.4).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ade7f9e71e1c8660210e1a0a0041307723022e3195c213f776c6bfe9466ccdfa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ade7f9e71e1c8660210e1a0a0041307723022e3195c213f776c6bfe9466ccdfa, en de alinea staat in dat document op bytes 12127 tot 12734.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ade7f9e71e1c8660210e1a0a0041307723022e3195c213f776c6bfe9466ccdfa | shasum -a 256