Citaat | Hoge Raad 27 maart 2015

Onder 2.2.1. Hoge Raad 27 maart 2015

Een alinea uit Hoge Raad 27 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:741.

In cassatie wordt onder meer geklaagd over het oordeel van het Hof dat zich niet het geval voordoet waarin slechts eenmaal griffierecht geheven dient te worden ofschoon verschillende partijen in hoger beroep zijn gekomen. Ter onderbouwing van deze klacht voeren belanghebbenden aan dat het Hof heeft miskend dat een nalatenschap in geval van vereffening door een door de rechter benoemde vereffenaar als een afgescheiden eenheid moet worden beschouwd. Om die reden hadden Rechtbank en Hof moeten oordelen dat ter zake van het tegen de uitspraken op bezwaar ingestelde (hoger) beroep slechts éénmaal griffierecht verschuldigd is, aldus belanghebbenden. Zij stellen in dit verband, naar de Hoge Raad begrijpt, dat een goede taakvervulling van de door de rechter benoemde vereffenaar vergt dat hem een eigen bevoegdheid wordt toegekend tot het instellen van een rechtsmiddel tegen elke belastingaanslag die ingevolge de Successiewet 1956 wordt opgelegd ter zake van een verkrijging uit de desbetreffende nalatenschap.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd98049d6bf2eefc80f954b4b84c0b7fbcf634132eb24e0fec3ca8b63d5fb33e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd98049d6bf2eefc80f954b4b84c0b7fbcf634132eb24e0fec3ca8b63d5fb33e, en de alinea staat in dat document op bytes 8535 tot 9564.