Citaat | Hoge Raad 27 maart 2015
Onder 3.5.3 Hoge Raad 27 maart 2015
Een alinea uit Hoge Raad 27 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:761.
Het verweer faalt eveneens voor zover het berust op het uitgangspunt dat de op Nederland rustende verdragsverplichtingen vergen dat art. 15 lid 1, aanhef en onder c, en lid 4 RWN worden uitgelegd op een wijze die strookt met art. 7 lid 1, aanhef en onder e, EVN. In het licht van hetgeen hiervoor in 3.5.2 ten aanzien van het EVN is overwogen, valt immers niet in te zien dat het begrip ‘het ontbreken van een effectieve band’ van art. 7 lid 1, aanhef en onder e, EVN ertoe dwingt art. 15 lid 1, aanhef en onder c, en lid 4 RWN – in weerwil van de duidelijke tekst daarvan – aldus uit te leggen dat als verliesgrond slechts kan gelden de situatie dat er in het geheel geen effectieve band meer aanwezig is, en dat het aanvragen van een reisdocument of een verklaring dat men de nationaliteit wil behouden, reeds voldoende is om verlies van nationaliteit te voorkomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3eb24bebee7bf5228e4f0c8919d197ef30e94fb9ec77b45bfc8a819cbf0085d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3eb24bebee7bf5228e4f0c8919d197ef30e94fb9ec77b45bfc8a819cbf0085d, en de alinea staat in dat document op bytes 21185 tot 22086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3eb24bebee7bf5228e4f0c8919d197ef30e94fb9ec77b45bfc8a819cbf0085d | shasum -a 256