Citaat | Hoge Raad 31 maart 2015
Onder 2.2.2. Hoge Raad 31 maart 2015
Een alinea uit Hoge Raad 31 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:804.
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van al het tenlastegelegde. Bij verdachte is geen sprake geweest van wetenschap (ook niet in de vorm van voorwaardelijk opzet) en ook niet van redelijkerwijs moeten vermoeden dat de geldbedragen middellijk of onmiddellijk afkomstig zouden zijn uit misdrijf. Verdachte wist niets van de beweerdelijke herkomst van het geld, anders dan [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1], en wist niet eens om welk bedrag of welke bedragen het ging. Van een nauwe en bewuste samenwerking kan daarom niet worden gesproken. Verdachte mocht haar zoon vertrouwen en heeft in dit vertrouwen te goeder trouw gehandeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdde70c54137fa11cfa3f7c75ca3abf03026f1358316fe2e941a283e5540cbff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdde70c54137fa11cfa3f7c75ca3abf03026f1358316fe2e941a283e5540cbff, en de alinea staat in dat document op bytes 7922 tot 8569.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bdde70c54137fa11cfa3f7c75ca3abf03026f1358316fe2e941a283e5540cbff | shasum -a 256