Citaat | Hoge Raad 3 april 2015
Onder 3.4.2 Hoge Raad 3 april 2015
Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:842.
Art. 31 lid 2 Wet Bopz bepaalt dat de officier van justitie een verzoekschrift als het onderhavige indient vóór het einde van de geldigheidsduur van de lopende machtiging. Nu de termijn van de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling verstreek op 28 augustus 2014 en de officier van justitie zijn (hiervoor in 3.1 onder (iii) bedoelde) verzoekschrift heeft ingediend op 29 augustus 2014, was ten tijde van die indiening geen sprake van verblijf van betrokkene in de instelling op grond van een machtiging. In de vaststellingen van de rechtbank ligt besloten dat geen sprake was van een vrijwillig verblijf van betrokkene in het ziekenhuis. In een dergelijk geval kan de rechtbank een voorlopige machtiging verlenen, mits ten tijde van haar beslissing is voldaan aan de voorwaarden die worden gesteld in art. 2 Wet Bopz. Het door de wettelijke termijnen beschermde belang van betrokkene staat echter eraan in de weg dat de machtiging wordt verleend voor een langere duur dan zes maanden, gerekend vanaf de datum waarop de voorafgaande machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling verstreek, in dit geval derhalve langer dan tot en met 28 februari 2015 (zie onder meer HR 12 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI6249, NJ 2009/271).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6fdf4eea4b8c823abab4c25bb45c690c847f14df5b572be33b9c6524239bbf45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6fdf4eea4b8c823abab4c25bb45c690c847f14df5b572be33b9c6524239bbf45, en de alinea staat in dat document op bytes 14040 tot 15300.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6fdf4eea4b8c823abab4c25bb45c690c847f14df5b572be33b9c6524239bbf45 | shasum -a 256