Citaat | Hoge Raad 7 april 2015

Onder 3.1. Hoge Raad 7 april 2015

Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:888.

(iii) de juistheid in het midden is gelaten van hetgeen door of namens de verdachte met voldoende concretisering is aangevoerd met betrekking tot dit verwerven of voorhanden hebben door eigen misdrijf (vgl. HR 16 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3618, rov. 2.3.1 en 2.3.2).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f754fccaefb31e1678a26db6974e65295e25f27ec132834e0cf7e929d5a34bab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f754fccaefb31e1678a26db6974e65295e25f27ec132834e0cf7e929d5a34bab, en de alinea staat in dat document op bytes 15151 tot 15435.