Citaat | Hoge Raad 7 april 2015
Onder 3.2.1. Hoge Raad 7 april 2015
Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:893.
"[medeverdachte 3] als degene die beroeps- of bedrijfsmatig een financiële dienst verleent (als bedoeld in artikel 1 van de Landsverordening melding ongebruikelijke transacties), in of omstreeks de periode van 1 juni 2006 tot en met 21 juli 2006, heeft nagelaten verrichte ongebruikelijke transacties (als bedoeld in artikel 1 van de Landsverordening melding ongebruikelijke transacties) onverwijld te melden aan het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties (als bedoeld in artikel 1 van de Landsverordening melding ongebruikelijke transacties), immers heeft [medeverdachte 3] nagelaten een aantal contante stortingen te hare kantore te melden aan voornoemd Meldpunt, het betreft de volgende stortingen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00841a875ca8fac5d30873814e2b88d7c1095cef6f859c58e7ae7f28b67bdbb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00841a875ca8fac5d30873814e2b88d7c1095cef6f859c58e7ae7f28b67bdbb6, en de alinea staat in dat document op bytes 6933 tot 7646.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/00841a875ca8fac5d30873814e2b88d7c1095cef6f859c58e7ae7f28b67bdbb6 | shasum -a 256