Citaat | Hoge Raad 10 april 2015

Onder 4.1.4. Hoge Raad 10 april 2015

Een alinea uit Hoge Raad 10 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:913.

Uit de hiervoor in 4.1.3 weergegeven verklaring voor recht en de daaraan voorafgaande overwegingen van het Hof van Justitie leidt de Hoge Raad af dat de artikelen 49 en 56 EG zich er niet tegen verzetten dat een lidstaat die niet beschikt over aanwijzingen van het bestaan van spaartegoeden die worden aangehouden in een andere lidstaat, voor de belastingheffing over (inkomsten uit) dergelijke tegoeden een langere navorderingstermijn toepast dan de termijn die geldt voor de belastingheffing in verband met tegoeden in de eigen staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b717145aab37dd45656e4ee15dc50416255bec519478f00b87c38a65de1e24d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b717145aab37dd45656e4ee15dc50416255bec519478f00b87c38a65de1e24d, en de alinea staat in dat document op bytes 17938 tot 18488.