Citaat | Hoge Raad 20 januari 2015

Onder 2.4. Hoge Raad 20 januari 2015

Een alinea uit Hoge Raad 20 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:93.

Tegen de achtergrond van het voorafgaande heeft het Hof zijn oordeel dat de voorbedachte raad kan worden bewezenverklaard niet toereikend gemotiveerd. Daarbij neemt de Hoge Raad in het bijzonder in aanmerking dat het Hof kennelijk heeft geoordeeld dat de gelegenheid voor de verdachte om na te denken over de betekenis en de gevolgen van haar voorgenomen daad en om zich daarvan rekenschap te geven, zich in het bijzonder voordeed gedurende het tijdsbestek dat zij gewapend met meerdere wapens doelbewust naar [slachtoffer] is gelopen, dan wel gedurende het tijdsbestek dat zij gewapend met een slagvoorwerp naar [slachtoffer] is gelopen om hem een of meer klappen op zijn hoofd te geven waarna zij vervolgens een mes heeft gehaald en weer terug is gelopen naar [slachtoffer], terwijl het Hof niets heeft vastgesteld omtrent het tijdsverloop dat met die handelingen gemoeid is geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1824f3a9136cc5131a05243817c28a3614c16d001a8fc1fb9dde4e8563dbf4c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1824f3a9136cc5131a05243817c28a3614c16d001a8fc1fb9dde4e8563dbf4c, en de alinea staat in dat document op bytes 20809 tot 21707.