Citaat | Hoge Raad 3 juni 2016
Onder 4.2.2 Hoge Raad 3 juni 2016
Een alinea uit Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1049.
Zoals hiervoor in 4.1.3 (slot) is overwogen, is hoofdstuk 8 Awb in beginsel van overeenkomstige toepassing op de procedure bij het CBHO (art. 7.66 lid 2 WHW). Op grond van art. 8:3 lid 1, aanhef en onder a, Awb staat geen beroep open tegen een besluit inhoudende een algemeen verbindend voorschrift. De vaststelling van het instellingscollegegeld door de Universiteiten houdt een dergelijk algemeen verbindend voorschrift in en is dus als zodanig niet voor bezwaar en beroep vatbaar op grond van titel 7.4 WHW, zoals ook de rechtspraak van het CBHO luidt (zie onder meer CBHO 22 juli 2011, nr. 2011/45, www.cbho.nl).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d33167efcbcbe58b603b708160bbf63fa3ef959e22d0d78a8124e3539fd784e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d33167efcbcbe58b603b708160bbf63fa3ef959e22d0d78a8124e3539fd784e, en de alinea staat in dat document op bytes 22476 tot 23106.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d33167efcbcbe58b603b708160bbf63fa3ef959e22d0d78a8124e3539fd784e | shasum -a 256