Citaat | Hoge Raad 26 januari 2016

Onder 2.2. Hoge Raad 26 januari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:105.

In hoger beroep is komen vast te staan dat de verdachte deze voorwaarde inderdaad niet heeft nageleefd. De verdachte heeft immers het in de onderhavige strafzaak bewezen verklaarde feit - een poging tot zware mishandeling - begaan terwijl de aan zijn voorwaardelijke invrijheidstelling verbonden proeftijd nog niet was verstreken. De vordering van het openbaar ministerie is derhalve gegrond en het hof acht ook termen aanwezig om deze vordering toe te wijzen en te gelasten dat het gedeelte van de gevangenisstraf, dat als gevolg van de toepassing van de regeling van de voorwaardelijke invrijheidstelling niet ten uitvoer is gelegd, alsnog ten dele, te weten voor de duur van 120 dagen, moet worden ondergaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20c2f4fbcf7d23438210250732388a4b44dcc513a59b5f7489c22c8279cf53af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20c2f4fbcf7d23438210250732388a4b44dcc513a59b5f7489c22c8279cf53af, en de alinea staat in dat document op bytes 12468 tot 13192.