Citaat | Hoge Raad 26 januari 2016

Onder 3.2. Hoge Raad 26 januari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:111.

Uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen volgt dat de verdachte in de bewezenverklaarde periode van 25 april 2013 tot en met 6 juli 2013 zijn minderjarige dochter onder zich heeft gehouden en niet wilde voldoen aan het bevel van de Rechtbank Amsterdam - gegeven bij uitvoerbaar bij voorraad verklaarde beschikking van 20 maart 2013 - dit kind af te geven aan de moeder aan wie het kind bij voernoemde beschikking met onmiddellijke ingang was toevertrouwd, omdat de verdachte de beslissing van de rechter te Mostar wilde afwachten. Gelet daarop heeft het Hof kunnen oordelen dat de verdachte zijn minderjarige kind heeft onttrokken aan het opzicht van de moeder. Het middel faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bed15dbe39a5d1599000883709897fa80f155b3ebcb6df7f2e934d26b268c3ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bed15dbe39a5d1599000883709897fa80f155b3ebcb6df7f2e934d26b268c3ca, en de alinea staat in dat document op bytes 15789 tot 16485.