Citaat | Hoge Raad 10 juni 2016
Onder 3.2.5 Hoge Raad 10 juni 2016
Een alinea uit Hoge Raad 10 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1136.
“(…) Wat er ook zij van de stelling van [de man] dat hij door de mediator onjuist is voorgelicht, hetgeen overigens door [de vrouw] wordt betwist, gesteld noch gebleken is dat [de vrouw] bij een juiste voorstelling van zaken had moeten begrijpen dat [de man] daardoor zou zijn afgehouden van het sluiten van de overeenkomst. De stelling van [de man] dat er sprake is van wederzijdse dwaling verwerpt het hof dan ook, nu deze onvoldoende onderbouwd is.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9b9d8cc9920e38706dee8a0ea80dcaff0b826c27a7696c5a1f0b6faff1934de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9b9d8cc9920e38706dee8a0ea80dcaff0b826c27a7696c5a1f0b6faff1934de, en de alinea staat in dat document op bytes 12856 tot 13327.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d9b9d8cc9920e38706dee8a0ea80dcaff0b826c27a7696c5a1f0b6faff1934de | shasum -a 256