Citaat | Hoge Raad 14 juni 2016

Onder 3.3.1. Hoge Raad 14 juni 2016

Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1174.

"1. Hij die een geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk opmaakt of vervalst, met het oogmerk om het als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken, wordt als schuldig aan valsheid in geschrift gestraft, met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc8246a0889c29f9e248b8440a74cba2d79f502da956f22c4bf22b463d339aac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc8246a0889c29f9e248b8440a74cba2d79f502da956f22c4bf22b463d339aac, en de alinea staat in dat document op bytes 35852 tot 36208.