Citaat | Hoge Raad 14 juni 2016
Onder 2.2. Hoge Raad 14 juni 2016
Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1174.
Sinds enkele maanden heb ik ruzie met [verdachte] . Voordat ik ruzie met hem kreeg had ik goed contact met hem. Ik ben ook bij hem thuis geweest in zijn woning in Schiedam. [verdachte] vertelde mij dat bijna alles in zijn woning middels fraude was verkregen. Hij heeft mij uitgelegd en laten zien hoe hij dat doet. Hij heeft in zijn woning een computer staan. Met deze computer maakt hij streepjescodes van goederen aan. Deze streepjescodes print hij uit op stickervellen. Met deze stickervellen gaat [verdachte] naar de winkel en hij plakt ze dan op soortgelijke artikelen, die echter vele malen duurder zijn. Daarna rekent hij de goederen bij de kassa af, voor een veel lagere prijs dan dat het product in werkelijkheid kost. [verdachte] heeft ook een speciaal apparaatje waarmee hij verpakkingen kan openen, zonder dat de verpakking beschadigt. In de winkel opent hij dan de verpakking en hij plakt vervolgens een thuis uitgeprinte streepjescode van een goedkoper artikel op het product. Daarna sluit hij de verpakking en rekent dan af bij de kassa.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc8246a0889c29f9e248b8440a74cba2d79f502da956f22c4bf22b463d339aac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc8246a0889c29f9e248b8440a74cba2d79f502da956f22c4bf22b463d339aac, en de alinea staat in dat document op bytes 19061 tot 20127.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc8246a0889c29f9e248b8440a74cba2d79f502da956f22c4bf22b463d339aac | shasum -a 256