Citaat | Hoge Raad 14 juni 2016

Onder 2.4. Hoge Raad 14 juni 2016

Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1194.

Voorts heeft het Hof geoordeeld dat onder deze omstandigheden van de verdachte een redelijke verklaring mag worden gevergd voor het aantreffen van de wapens en munitie in zijn woning, en dat de verdachte geen verklaring heeft gegeven. Gelet op dit een en ander is het oordeel van het Hof dat de verdachte voornoemde wapens en munitie voorhanden heeft gehad en zich derhalve in meerdere of mindere mate bewust is geweest van de aanwezigheid van die wapens en munitie in de woning, niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f5f8f937831faf00e3a5eaa5bf935f86e726a523e08a40dfeed7e70ad032748c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f5f8f937831faf00e3a5eaa5bf935f86e726a523e08a40dfeed7e70ad032748c, en de alinea staat in dat document op bytes 16245 tot 16759.