Citaat | Hoge Raad 21 juni 2016

Onder 2.2.4. Hoge Raad 21 juni 2016

Een alinea uit Hoge Raad 21 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1240.

Verdachte heeft niet alleen ter terechtzitting in hoger beroep, maar ook in het recente verleden aangegeven dat hij niet wenst te worden behandeld. Zo valt in het forensisch milieurapport van W. de Kruijf (d.d. 21 juni 2013 en 10 juli 2013) te lezen dat verdachte tegenover een reclasseringsmedewerker van het Dok te Breda (waar de behandeling van verdachte op 11 juni 2012 werd beëindigd) heeft verklaard dat hij de behandeling 'onzin' vond. (pagina 5) Ook in een gesprek met de rapporteur van de reclassering (Reclasseringsadvies d.d. 27 augustus 2013) heeft verdachte 'duidelijk kenbaar gemaakt dat hij niet meer openstaat voor hulpverlening. Hij is in de veronderstelling dat hij het zelf veel beter kan.' (pagina 8)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b1546dadf4cbf3689acd178bb5b0ee09b8f331b18d6e333e0d9c1af639d66fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b1546dadf4cbf3689acd178bb5b0ee09b8f331b18d6e333e0d9c1af639d66fb, en de alinea staat in dat document op bytes 32115 tot 32849.