Citaat | Hoge Raad 24 juni 2016
Onder 3.3.3 Hoge Raad 24 juni 2016
Een alinea uit Hoge Raad 24 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1272.
Voorts is in art. 7:176 BW een uitzondering opgenomen voor het geval de in de hoofdregel vervatte verdeling van de bewijslast in de gegeven omstandigheden in strijd met de eisen van redelijkheid en billijkheid zou zijn. Van dit laatste zal de rechter dan wel uitdrukkelijk verantwoording moeten afleggen, ervan uitgaande dat feiten zijn gesteld die deze afwijking van de hoofdregel rechtvaardigen. Daarbij valt te denken aan het geval dat alleen de schenker over het bewijsmateriaal beschikt of dat zijn betoog zo onwaarschijnlijk is dat voorlopige aanvaarding ervan de wederpartij in een onredelijke bewijspositie zou brengen. (Vgl. Kamerstukken II, 1981-1982, 17 213, nr. 3, p. 8-9)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/50b8dca8ac6f22409052007d2ad18d855b175623463b6f4a81891533a4927655. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 50b8dca8ac6f22409052007d2ad18d855b175623463b6f4a81891533a4927655, en de alinea staat in dat document op bytes 15130 tot 15827.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/50b8dca8ac6f22409052007d2ad18d855b175623463b6f4a81891533a4927655 | shasum -a 256