Citaat | Hoge Raad 24 juni 2016
Onder 3.11.6 Hoge Raad 24 juni 2016
Een alinea uit Hoge Raad 24 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1309.
Opmerking verdient dat het oordeel waartoe de Hoge Raad in zijn arrest van 25 juni 2010 kwam ten aanzien van de subsidiaire grondslag van de vordering, niet is gebaseerd op een door de gedeputeerden tot stand gebrachte contractuele binding van de Provincie tegenover Vitesse c.s. Het is, zoals het hof terecht heeft overwogen (zie hiervoor in 3.2.8 onder (a)), gebaseerd op de (onrechtmatige) nalatigheid van de gedeputeerden om een voorbehoud te maken ten aanzien van hun bevoegdheid om de eenmalige huurverlaging voor het seizoen 2001-2002 toe te zeggen en om ervoor te waarschuwen dat die toezegging slechts een inspanningsverplichting inhield. Door deze nalatigheid zijn Vitesse c.s. op het verkeerde been gezet. Deze gronden waarop de nalatigheid van de gedeputeerden onrechtmatig was tegenover Vitesse c.s., brengen om de hiervoor in 3.11.2-3.11.4 genoemde redenen niet mee dat de Provincie ook contractueel aan de door de gedeputeerden gedane toezegging was gebonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e4275bd64e84ed1bc374fbbcf47828ebac1c35b5e1c40a122046603624f1a46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e4275bd64e84ed1bc374fbbcf47828ebac1c35b5e1c40a122046603624f1a46, en de alinea staat in dat document op bytes 24969 tot 25956.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e4275bd64e84ed1bc374fbbcf47828ebac1c35b5e1c40a122046603624f1a46 | shasum -a 256