Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 4.3. Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1316.

Blijkens de hiervoor onder 2.2 weergegeven bewijsvoering heeft het Hof het volgende vastgesteld. De verdachte heeft meermalen contact gehad met het mobiele telefoonnummer van medeverdachte [betrokkene 1] . In de periode van 19 tot en met 20 november 2003 heeft de verdachte gebruik gemaakt van twee telefoons en drie simkaarten en heeft hij meermalen de simkaart verwisseld in die telefoons. Op 19 en op 20 november 2003 is de verdachte gebeld vanuit een telefooncel in de buurt van het filiaal van de Fortis bank aan de A.J. Ernststraat. De verdachte heeft op 19 november 2003 tweemaal en op 20 november 2003 tweemaal gebeld naar een intern, niet voor klanten bestemd telefoonnummer van dit filiaal van de Fortis bank. Toen de verdachte op 20 november 2003 voor de tweede keer naar dat interne nummer van de Fortis bank belde, heeft hij gesproken met [betrokkene 1] die op dat moment als stagiair werkzaam was in dit filiaal van de Fortis bank. Tijdens dit gesprek heeft [betrokkene 1] aan de verdachte gevraagd of hij briefjes van tweehonderd had besteld en gezegd "ik ga even voor u kijken". Daarop is [betrokkene 1] naar lade 11 gelopen en heeft hij deze door middel van een code geopend. Op het moment dat [betrokkene 1] lade 11 open had, kwam een mededader binnen die dreigend met een wapen sommeerde een plastic tas te vullen met geld. [betrokkene 1] heeft het geld uit lade 11 in deze plastic tas gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41f6cbd45981b2b69b653ce422e8168de61ab4ffbc138e72586e2bf05d217cbe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41f6cbd45981b2b69b653ce422e8168de61ab4ffbc138e72586e2bf05d217cbe, en de alinea staat in dat document op bytes 50932 tot 52357.