Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 2.2.1. Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1319.
Op 8 oktober 2012 bevond ik mij bij de woning [b-straat 2] te Amsterdam. Na verricht onderzoek bleek dat een van de aangehouden verdachten woonachtig is op dit adres, namelijk [betrokkene 4] , geboren [geboortedatum] 1993. Er is onderzoek verricht in de kelderbox. Vervolgens heb ik telefonisch contact gehad met aangeefster genaamd [betrokkene 1] . Zij beschreef mij middels een telefoongesprek al haar weggenomen goederen. Terwijl ik [betrokkene 1] aan de lijn had, zag ik dat wat zij beschreef met de volgende goederen uit de box overeenkwam, namelijk:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2fe5af6b382153a356fc3e286dc4da4e26bc857edbabd687c4899d21b43b8b38. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2fe5af6b382153a356fc3e286dc4da4e26bc857edbabd687c4899d21b43b8b38, en de alinea staat in dat document op bytes 23937 tot 24505.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2fe5af6b382153a356fc3e286dc4da4e26bc857edbabd687c4899d21b43b8b38 | shasum -a 256