Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 4.2.3. Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1323.
In een geval als het onderhavige kan met betrekking tot de toedracht van de diefstal wel worden vastgesteld dat deze door "verenigde personen" is begaan, maar kan niet direct worden vastgesteld door wie precies. Indien in een dergelijk geval de verdachte zelf kort na de diefstal wordt aangetroffen in omstandigheden die op betrokkenheid bij het strafbare feit duiden, kan sprake zijn van een situatie waarin het uitblijven van een aannemelijke verklaring van de verdachte zoals hiervoor onder 4.2.2 bedoeld, van belang is voor de beantwoording van de vraag of het tenlastegelegde medeplegen kan worden bewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25b40307216fc94ec33ac2670d8fd755688858bd94580e518f9498c933a16414. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25b40307216fc94ec33ac2670d8fd755688858bd94580e518f9498c933a16414, en de alinea staat in dat document op bytes 34239 tot 34863.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/25b40307216fc94ec33ac2670d8fd755688858bd94580e518f9498c933a16414 | shasum -a 256