Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 2.3. Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1388.

"De raadsman van de verdachte heeft zich ter terechtzitting in hoger beroep op het standpunt gesteld - overeenkomstig de door hem overgelegde pleitaantekeningen - dat de verdachte op 24 juni 2013 ten onrechte is gecontroleerd en dat het daarop in de auto van de verdachte ingestelde onderzoek en vervolgens de doorzoeking eveneens onrechtmatig hebben plaatsgevonden. Ter onderbouwing van dit verweer heeft de raadsman verwezen naar een uitspraak van de rechtbank Den Haag van 22 oktober 2013 (ECLI:NL:RBDHA:2013:16091). Het betoog van de raadsman komt er in de kern weergegeven op neer dat nu de verdachte kennelijk ter controle op de naleving van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) is gecontroleerd, de politie niet de bevoegdheid had om vervolgens de aan de politie toekomende bevoegdheden in het kader van de Wet op de identificatieplicht (WID) in te zetten. De raadsman heeft geconcludeerd tot bewijsuitsluiting en daarmee, wegens het ontbreken van voldoende overig wettig en overtuigend bewijs, tot vrijspraak van de verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd89c9450ac5aa8709c87660e824814f2923b943c6b4057e5fad87bacf7ac2dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd89c9450ac5aa8709c87660e824814f2923b943c6b4057e5fad87bacf7ac2dd, en de alinea staat in dat document op bytes 8307 tot 9353.