Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 2.3. Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1391.
Zo’n vier à vijf jaar geleden heb ik [A] Garant opgericht. [A] Garant heb ik opgericht op naam van mijn vrouw. Ik deed de handel en zij de administratie. Ik verricht handel op de Amerikaanse beurs, verder koop ik Amerikaanse staatsleningen. Het geld waarmee ik dan handel is afkomstig van mensen die ik ken of pemsioenfondsen zoals het ABP. Wanneer ik gelden leen maken wij daar contracten van op. Wat ik daarnaast nog heb gedaan is dat ik in het jaar 2002 gelden heb aangetrokken en laten storten op een derdenrekening. Deze gelden heb ik aangetrokken via andere personen, genaamd [betrokkene 12] en [betrokkene 13] , met welke heren ik in 2001 in contact ben gekomen. De gelden die werden aangetrokken via [betrokkene 12] en [betrokkene 13] werden gestort op de derdenrekening Stichting Beheer derdengelden [A] . In totaal is er ongeveer 2 miljoen overgeboekt naar deze Stichting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75, en de alinea staat in dat document op bytes 39854 tot 40752.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75 | shasum -a 256