Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 2.3. Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1391.
8 oktober 2002, ken ik. [betrokkene 13] belde mij op en vertelde mij dat hij een waarschuwingsbrief had ontvangen van de AFM. Hij zei dat er problemen waren met het aanbieden van het [A] Beleggingsprogramma. [betrokkene 13] zei dat die brief voor [D] en [C] bestemd was en dat hij de brief daarom niet naar mij mocht zenden. Hij heeft toen vervolgens dat faxbericht van 8 oktober 2002 gestuurd. Ik wist dus dat het ging om een mogelijke overtreding van de Wte 1995. Omdat [betrokkene 12] gewoon doorging met het aanbrengen van klanten voor het [A] beleggingsprogramma dacht ik dat het niet zo'n vaart zou lopen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75, en de alinea staat in dat document op bytes 44260 tot 44884.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/424dcd89f0a73aaa33437e040668fbe4882c361f60036b756c062f07f13f0b75 | shasum -a 256