Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 2.4. Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1393.

Blijkens de bewezenverklaring heeft het Hof, kort gezegd, geoordeeld dat het telkens verbergen of verhullen van de werkelijke aard of de herkomst van de uit enig misdrijf afkomstige geldbedragen heeft bestaan uit het meermalen laten of doen storten van geldbedragen op een derdenrekening van [medeverdachte 4]. Uit de onder 2.2.2 vermelde bewijsmiddelen volgt dat de betreffende stortingen hebben plaatsgevonden na 14 december 2001. Het door het middel bestreden oordeel van het Hof is derhalve niet onbegrijpelijk. Voor zover het middel daarover klaagt, faalt het.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/250013f732f84ccfbcfb34fc5bb6623cb8d7fb83349cbb07ff9c82b0050d5351. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 250013f732f84ccfbcfb34fc5bb6623cb8d7fb83349cbb07ff9c82b0050d5351, en de alinea staat in dat document op bytes 19506 tot 20085.