Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 2.5. Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1416.
Nu de bij de uitspraak van het Hof van 23 februari 2012 opgelegde (bijkomende) straffen door de Hoge Raad zijn vernietigd en daarmee zijn vervallen, is het belang van de verdachte bij zijn klacht dat het Hof heeft verzuimd opnieuw over de strafoplegging ter zake van het onder 2 en 3 bewezenverklaarde te beslissen, echter niet evident. In aanmerking genomen dat geen andere middelen van cassatie zijn voorgesteld, is ook het belang van de verdachte bij zijn cassatieberoep niet evident. De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac0c86bb1318ea0e6323de482f84ef33a7262ce7669f592c0f59fa28cd8c56ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac0c86bb1318ea0e6323de482f84ef33a7262ce7669f592c0f59fa28cd8c56ef, en de alinea staat in dat document op bytes 11094 tot 11724.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ac0c86bb1318ea0e6323de482f84ef33a7262ce7669f592c0f59fa28cd8c56ef | shasum -a 256