Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 2.3. Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1426.

Voor toewijzing van een vordering tot schadevergoeding als bedoeld in art. 51a, eerste lid, Sv komt alleen die schade in aanmerking die rechtstreeks is geleden door het strafbare feit. De kosten van rechtsbijstand zijn niet als zodanige rechtstreekse schade aan te merken. Dat brengt mee dat dergelijke kosten ook niet in aanmerking kunnen worden genomen bij de oplegging van de in art. 36f, eerste lid, Sr voorziene maatregel. Indien een benadeelde partij dergelijke proceskosten als onderdeel van de schade in de zin van art. 51a Sv vordert, dient zij in zoverre in die vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64e68f39ec6cdd181f0803ea1a983b98f86cf2b75870e2b1872500f520740e18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64e68f39ec6cdd181f0803ea1a983b98f86cf2b75870e2b1872500f520740e18, en de alinea staat in dat document op bytes 7887 tot 8521.