Citaat | Hoge Raad 8 juli 2016

Onder 3.3.4 Hoge Raad 8 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1440.

De kern van de klachten van ABN Amro is dat het hof voor dekking onder de polis een te nauw verband heeft verlangd tussen de beslissingen van FPFS Bank en de trade tickets en account statements. Daarbij heeft het hof volgens de onderdelen 2 en 3 een onbegrijpelijk onderscheid gemaakt tussen het afgaan op een document en het afgaan op de in dat document vervatte informatie. Bovendien heeft het hof het “counterfeit”-vereiste te eng geïnterpreteerd. Voor dekking onder art. 7 is voldoende dat FPFS Bank bij het ter beschikking stellen van het krediet heeft vertrouwd op de door BLMIS afgegeven valse trade tickets en account statements. In het gedematerialiseerde effectenverkeer kon FPFS Bank niet op andere stukken afgaan om de waarde van de beleggingen van Harley (en daarmee van Santa Clara) vast te stellen, aldus de onderdelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0295bd95b3a43a3002e1a475f2eb1a0b74fc3b848a41fbd10f6aaa568be3c3c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0295bd95b3a43a3002e1a475f2eb1a0b74fc3b848a41fbd10f6aaa568be3c3c4, en de alinea staat in dat document op bytes 26736 tot 27589.