Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016
Onder 08.43 Hoge Raad 5 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1453.
Mijn roepnaam is [verdachte] . Ik ken de getuige [betrokkene 2] . U vraagt mij hoe de gang van zaken was rond de aangifte van diefstal van de kentekenplaten van de auto van [getuige 2] . Het zou kunnen dat ik tegen haar gezegd heb dat ze aangifte moest doen. Ik heb haar geholpen met het aanbrengen van een kentekenplaat."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfc4ad4900f636a82377d92823691a900738034357cf5f31b5e5618d0b44f863. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfc4ad4900f636a82377d92823691a900738034357cf5f31b5e5618d0b44f863, en de alinea staat in dat document op bytes 47362 tot 47697.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dfc4ad4900f636a82377d92823691a900738034357cf5f31b5e5618d0b44f863 | shasum -a 256