Citaat | Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 08.43 Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1453.

Op 31 oktober 2013 werd door mij een forensisch onderzoek naar sporen verricht in verband met een overval gepleegd op dinsdag 22 oktober 2013 aan een in een bosschage aangetroffen tas. De ritsen van de laptoptas waren open. Ik zag dat in de tas een zwarte polstas aanwezig. De ritsen van deze polstas waren open en er bevond zich niets in deze polstas. De beide hengsels van de laptoptas werden mij in verband met een eventueel later uit te voeren DNA-onderzoek van de tas gesneden en afzonderlijk verpakt (veiliggesteld onder SIN AAFY2968NL en AAFY2969NL). Op 15 november 2013 werd op bevel van de officier van justitie van de verdachte [betrokkene 2] DNA-wangslijmvlies afgenomen (SIN RAAV8890NL).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfc4ad4900f636a82377d92823691a900738034357cf5f31b5e5618d0b44f863. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfc4ad4900f636a82377d92823691a900738034357cf5f31b5e5618d0b44f863, en de alinea staat in dat document op bytes 41392 tot 42104.