Citaat | Hoge Raad 8 juli 2016
Onder 4.6 Hoge Raad 8 juli 2016
Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1483.
Het betoog van onderdeel 1.b onder (iii), (iv) en (v) faalt voor zover het ertoe strekt dat in het bestreden oordeel is miskend dat bij de beoordeling van een beroep op voordeelstoerekening relevant is of nadeel dat nog niet of niet geheel is doorberekend, naar redelijke verwachting zal worden doorberekend. Bij gebreke van voldoende aanknopingspunten om aan te nemen dat een nog niet doorberekend nadeel in de toekomst zal worden doorberekend, zal in het algemeen een redelijke verwachting omtrent toekomstige ontwikkelingen zijn dat van (verdere) doorberekening geen sprake zal zijn (vgl. HR 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD6627, NJ 2002/122). Het hof heeft dat echter niet in het nadeel van TenneT c.s. miskend. Het heeft immers (in rov. 3.32) een oordeel gegeven dat alleen betrekking heeft op daadwerkelijk doorberekende schade.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc962882abacd47d7cb69ba6a5c6240019379a03642e0342d0fed7923cbb8af1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc962882abacd47d7cb69ba6a5c6240019379a03642e0342d0fed7923cbb8af1, en de alinea staat in dat document op bytes 27875 tot 28738.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc962882abacd47d7cb69ba6a5c6240019379a03642e0342d0fed7923cbb8af1 | shasum -a 256