Citaat | Hoge Raad 29 januari 2016
Onder 3.3.4 Hoge Raad 29 januari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 29 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:161.
Gelet op de hiervoor in 3.3.3 weergegeven verklaringen van de psychiater moet in cassatie ervan worden uitgegaan dat hij betrokkene niet persoonlijk heeft onderzocht. De andersluidende vaststelling van de rechtbank is dan ook onbegrijpelijk. Uit de beschikking blijkt voorts niet dat de rechtbank – zoals zij had behoren te doen – heeft onderzocht of de psychiater heeft gedaan wat redelijkerwijs van hem kon worden verwacht om het door de wet vereiste onderzoek te doen plaatsvinden. De klacht is dus gegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4cf6b60d83ece9ec5bebcd3df0d70738664e6c515b730e5d9c2157db911475c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4cf6b60d83ece9ec5bebcd3df0d70738664e6c515b730e5d9c2157db911475c, en de alinea staat in dat document op bytes 10940 tot 11467.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d4cf6b60d83ece9ec5bebcd3df0d70738664e6c515b730e5d9c2157db911475c | shasum -a 256