Citaat | Hoge Raad 12 augustus 2016
Onder 2.1.7. Hoge Raad 12 augustus 2016
Een alinea uit Hoge Raad 12 augustus 2016, ECLI:NL:HR:2016:1903.
Namens aanvankelijk [A] B.V. is een tegen de uitnodiging tot betaling gericht bezwaarschrift ingediend. Daarin kan, naar voor het Hof is verklaard (rechtsoverweging 2.1 van de uitspraak van het Hof), [X] B.V. geacht worden in haar hoedanigheid van rechtsopvolger van [A] B.V. namens deze vennootschap bezwaar te hebben gemaakt tegen de uitnodiging tot betaling, en kan zij voorts voor zover nodig ook geacht worden voor zichzelf bezwaar te hebben gemaakt. Na de afwijzing van het bezwaar is, eveneens namens [A] B.V. en voor zover nodig ook namens [X] B.V., beroep ingesteld bij de Rechtbank en verweer gevoerd bij het Hof.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01eb3db44c09f76f602310ef54d9994210ead3e1c0c603bbac51909dd9dd1ace. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01eb3db44c09f76f602310ef54d9994210ead3e1c0c603bbac51909dd9dd1ace, en de alinea staat in dat document op bytes 8809 tot 9446.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01eb3db44c09f76f602310ef54d9994210ead3e1c0c603bbac51909dd9dd1ace | shasum -a 256