Citaat | Hoge Raad 12 augustus 2016

Onder 2.2. Hoge Raad 12 augustus 2016

Een alinea uit Hoge Raad 12 augustus 2016, ECLI:NL:HR:2016:1903.

Het Hof heeft met betrekking tot de invoeraangifte vooropgesteld dat [B] B.V. deze op eigen naam en voor eigen rekening heeft gedaan en voorts geoordeeld dat deze vennootschap daarmee de douaneschuldenaar is voor de uit de invoeraangifte voortvloeiende antidumpingrechten. Daaraan heeft het Hof onder verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 29 mei 2009, nr. 42316, ECLI:NL:HR:2009:AZ5453, BNB 2010/18, toegevoegd het oordeel dat daaraan niet afdoet dat [B] B.V. thans handelt onder de naam [X] B.V. Voorts heeft het Hof overwogen dat de uitnodiging tot betaling is gesteld op naam van [A] B.V., die, naar in cassatie niet in geschil is, niet de douaneschuldenaar is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01eb3db44c09f76f602310ef54d9994210ead3e1c0c603bbac51909dd9dd1ace. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01eb3db44c09f76f602310ef54d9994210ead3e1c0c603bbac51909dd9dd1ace, en de alinea staat in dat document op bytes 9551 tot 10239.