Citaat | Hoge Raad 2 september 2016
Onder 4.6.4 Hoge Raad 2 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 2 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2012.
Indien de cliëntenremisier een transactiegerelateerde vergoeding (bijvoorbeeld provisie, commissie of een andersoortige vergoeding) ontvangt van de uitvoerende effecteninstelling, gaat de STE er van uit dat de cliëntenremisier beroeps- of bedrijfsmatig adviseert en derhalve vergunningplichtig is, tenzij de cliëntenremisier aantoont dat hij geen adviezen over effectentransacties verstrekt aan betrokken klanten. De cliëntenremisier kan dit bijvoorbeeld aantonen door middel van schriftelijke stukken waarin aan de klant wordt gecommuniceerd dat de cliëntenremisier de klant niet mag adviseren over effectentransacties.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922, en de alinea staat in dat document op bytes 39187 tot 39828.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922 | shasum -a 256