Citaat | Hoge Raad 2 september 2016
Onder 4.7 Hoge Raad 2 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 2 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2012.
Het vorenoverwogene komt erop neer dat Nederland in de Wte 1995 gebruik heeft gemaakt van de in de Richtlijn Beleggingsdiensten voor Lid–Staten geboden mogelijkheid om “op het stuk van de vergunningsvoorwaarden” strengere regels dan in deze Richtlijn zijn vastgesteld, van toepassing te verklaren (zie hiervoor in 4.4.4). De Wte 1995 moet aldus worden uitgelegd dat indien een cliëntenremisier zich niet beperkt tot het aanbrengen van een potentiële belegger bij een beleggingsinstelling of effecteninstelling, maar hij die belegger tevens in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf adviseert, de aldus handelende cliëntenremisier over een vergunning dient te beschikken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922, en de alinea staat in dat document op bytes 39951 tot 40646.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48355e0dc6d4147f09a0d0f01d0066c3ce98f0dde7699d467292a18055dd0922 | shasum -a 256