Citaat | Hoge Raad 2 september 2016
Onder 3.2.5 Hoge Raad 2 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 2 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2015.
( c) In art. 41 aanhef en onder d NR 1999 is bepaald dat een effecteninstelling zich met betrekking tot een (rechts)persoon (hierna ook: de instelling) waarop art. 21 lid 1 Wte 1995 van toepassing is, maar die niet is ingeschreven in het in dat lid bedoelde register, dient te onthouden van het accepteren van door deze instelling aangebrachte cliënten of cliëntenorders. Nu vaststaat dat uit hoofde van art. 12 Vrijstellingsregeling Wte 1995 cliëntenremisiers zoals SpaarSelect, waren vrijgesteld van de vergunningplicht van art. 7 lid 1 Wte en dat SpaarSelect was ingeschreven in het desbetreffende register, mocht Dexia echter op de voet van art. 41, aanhef en onder d, NR 1999 de door SpaarSelect aangebrachte cliënten in beginsel accepteren en is in zoverre geen sprake van handelen in strijd met art. 41 NR 1995. (rov. 4.16.3-4.16.6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44f7512e8b242fe72d4ca96241ad5e1a9d76d927261a106a4e89de5099262684. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44f7512e8b242fe72d4ca96241ad5e1a9d76d927261a106a4e89de5099262684, en de alinea staat in dat document op bytes 14479 tot 15335.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/44f7512e8b242fe72d4ca96241ad5e1a9d76d927261a106a4e89de5099262684 | shasum -a 256