Citaat | Hoge Raad 6 september 2016

Onder 2.2.3. Hoge Raad 6 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 6 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2025.

"De verdediging heeft (...) vrijspraak bepleit bij gebreke van wettig en overtuigend bewijs. Hiertoe is - zakelijk weergegeven - aangevoerd dat het doel van de rit van Amsterdam naar Arnhem niet duidelijk is geworden en dat verdachte niet op de hoogte was van de aanwezigheid van de in en bij de auto aangetroffen wapens en andere voorwerpen. Daarnaast zou verdachte niet hebben geweten dat de auto waar hij in zat van misdrijf afkomstig was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc5347e58665020a8382d89562c505bee60b30c41d6393e750eecb743865816e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc5347e58665020a8382d89562c505bee60b30c41d6393e750eecb743865816e, en de alinea staat in dat document op bytes 23198 tot 23653.