Citaat | Hoge Raad 9 september 2016
Onder 3.5 Hoge Raad 9 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 9 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2047.
Onderdeel 2.1.4 is gericht tegen rov. 14-16. Het onderdeel klaagt dat, indien de vaststaande feiten met betrekking tot de medische toestand van erflater niet voldoende zijn om vast te stellen dat erflater dementerend was en niet meer in staat was zijn wil te bepalen, het hof het terzake dienende en gespecificeerde bewijsaanbod van de dochters ongemotiveerd heeft gepasseerd. Onderdeel 2.2.2 is gericht tegen de gronden die het hof in rov. 20-24 heeft aangevoerd om het bewijsaanbod van de dochters te passeren, en met name tegen het oordeel van het hof dat een goede procesorde meebrengt dat de dochters exact dienen te formuleren waartegen hun bezwaren zich richten en dat zij geen nieuwe feiten en omstandigheden hebben gesteld die meebrengen dat de rechtbank tot een onjuiste conclusie is gekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/720e03ece8d6492230dd35eda9db1df42b80a0481cc6987e4ac927384c43a35c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 720e03ece8d6492230dd35eda9db1df42b80a0481cc6987e4ac927384c43a35c, en de alinea staat in dat document op bytes 21261 tot 22076.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/720e03ece8d6492230dd35eda9db1df42b80a0481cc6987e4ac927384c43a35c | shasum -a 256